Naar de inhoud

Laatst gepubliceerd op 25 artikelen 3 rubrieken

Met de pabo opleiding leer je lesgeven in het basisonderwijs

Wil je voor de klas staan op een basisschool, maar weet je nog niet welke route bij je past? De pabo leidt op tot leraar basisonderwijs; de vorm, toelating en combinatie met werk verschillen per situatie.

Door Lotte van Dijk · · 5 min leestijd

Vrouwelijke student leunend aan tafel in zonnige kleuterklas met blokken en notitieboek

Een pabo opleiding vraagt meer dan belangstelling voor kinderen. Je leert lesstof uitleggen, een groep begeleiden en in de praktijk oefenen met lesgeven. Dat doe je via een hbo-opleiding die je voltijd of deeltijd kunt volgen, en er zijn routes voor mensen die al een diploma of werkervaring hebben. De beste keuze hangt onder meer af van je vooropleiding, hoeveel tijd je kunt vrijmaken en of je leren wilt combineren met werk.

Wat leer je tijdens de pabo opleiding?

De pabo is de hbo-opleiding tot leraar basisonderwijs. Je leert niet alleen lesgeven in vakken zoals taal en rekenen, maar ook hoe je leerlingen begeleidt en een klas organiseert. In de praktijk oefen je met lesvoorbereiding, instructie en het volgen van de ontwikkeling van kinderen. Je loopt stages, zodat je de dagelijkse werkzaamheden van een basisschoolleraar leert kennen.

De opleiding vraagt daarom zowel studie als praktijk. Denk na of je het leuk vindt om leerstof op verschillende manieren uit te leggen, een groep structuur te bieden en samen te werken met collega’s en ouders. Ook moet je bereid zijn je eigen lessen te evalueren en bij te stellen. Een open dag of gesprek met een student kan helpen om te ontdekken hoe die combinatie er bij een specifieke hogeschool uitziet.

Welke vooropleiding heb je nodig?

Voor toelating tot het hbo kun je onder meer terecht met een havo-diploma of een mbo-diploma op niveau 4. Voor de pabo gelden daarnaast eisen rond kennis van enkele basisschoolvakken. De Rijksoverheid legt uit dat je een toelatingstoets moet maken als je diploma niet aan die eisen voldoet. Controleer dit tijdig bij de pabo waar je wilt studeren, want je vooropleiding bepaalt welke onderdelen voor jou gelden.

Ben je 21 jaar of ouder en heb je niet de gebruikelijke vooropleiding? Dan kan een toelatingsonderzoek bij een hogeschool een mogelijkheid zijn om te laten beoordelen of je toch kunt instromen. De voorwaarden en inrichting daarvan kunnen per instelling verschillen. Vraag dus rechtstreeks na welke bewijsstukken en voorbereiding nodig zijn. Ga er niet vanuit dat alleen leeftijd voldoende is: het gaat om de uitkomst van het onderzoek en de toelatingsvoorwaarden van de instelling.

Ook als je wel kunt starten, krijg je te maken met taal en rekenen. Volgens de Rijksoverheid maken aankomende studenten vóór de start een reken- en wiskundetoets; wie die niet haalt, krijgt tijdens de opleiding nog kansen. Er zijn daarnaast pabo’s die in het eerste jaar een taaltoets afnemen. Aan het einde van de opleiding zijn kennistoetsen voor taal en rekenen onderdeel van de eisen voor het diploma. Bekijk daarom vooraf welke ondersteuning en oefenmogelijkheden jouw opleiding biedt.

Welke studievorm past bij jouw situatie?

De voltijdroute is doorgaans passend als je je studie als hoofdactiviteit kunt plannen en de stages in je week kunt inpassen. Een deeltijdopleiding kan beter aansluiten als je daarnaast werk, zorgtaken of andere verplichtingen hebt. Deeltijd betekent niet automatisch dat de opleiding korter of lichter is: informeer naar lesdagen, zelfstudie, praktijkuren en de manier waarop je stage regelt.

Wie al een hbo- of universitair diploma heeft en als leraar wil werken, kan onderzoeken of zij-instroom in het beroep past. Dat is een traject waarin je werkt en tegelijk je bevoegdheid behaalt. De Rijksoverheid beschrijft bij zij-instroom in het beroep dat je eerst een geschiktheidsonderzoek met goed gevolg moet afronden; vervolgens zijn afspraken nodig tussen jou, het schoolbestuur en de lerarenopleiding. Het traject is erop gericht de bevoegdheid binnen maximaal twee jaar te behalen. Dit is dus geen algemene verkorte pabo voor iedereen, maar een route met eigen voorwaarden en begeleiding.

Heb je een vwo-diploma, bespreek dan ook of een verkorte opleiding mogelijk is. De Rijksoverheid noemt dat een aantal pabo’s voor vwo’ers een route van drie jaar aanbiedt. Beschikbaarheid en toelating kunnen per hogeschool verschillen. Wie al eerder hoger onderwijs volgde, kan daarnaast vragen of eerder behaalde onderdelen meetellen; laat de opleiding concreet aangeven wat wel en niet wordt vrijgesteld.

Wil je eerst breder afwegen welke beroepsopleiding bij je achtergrond past, kijk dan naar een passende beroepsopleiding kiezen. Houd daarbij het verschil in het oog tussen een opleiding tot leraar basisonderwijs en bijvoorbeeld een mbo-opleiding die voorbereidt op ondersteunend werk in een school.

Waar let je op bij het vergelijken van pabo’s?

Vergelijk niet alleen de naam van de opleiding. De inhoud en organisatie van stages, begeleiding en lesdagen bepalen mede of een route bij je dagelijks leven past. Zet voor jezelf de volgende punten op een rij:

  • Studievorm en weekindeling: hoeveel onderwijs op locatie is er, hoeveel zelfstudie verwacht de opleiding en hoe plan je de praktijk?
  • Stage en begeleiding: op welke momenten loop je stage, hoe word je begeleid en helpt de opleiding bij het vinden van een praktijkplek?
  • Toelating: welke eisen gelden met jouw diploma, en wanneer moet je eventuele toetsen afronden?
  • Ondersteuning bij taal en rekenen: hoe oefen je voor toetsen en welke begeleiding is beschikbaar als een onderdeel nog lastig is?
  • Reisafstand en kosten: bereken reistijd en kijk welke kosten naast collegegeld kunnen ontstaan, bijvoorbeeld voor reizen of studiemateriaal.
  • Aansluiting op je ervaring: vraag bij deeltijd of zij-instroom hoe eerder onderwijs, werkervaring of behaalde vakken worden beoordeeld.

Let ook op de leeftijdsgroepen en specialisaties die de opleiding aanbiedt. Volgens de informatie van de Rijksoverheid specialiseren voltijdstudenten zich in het derde studiejaar bijvoorbeeld in jonge kinderen van 4 tot 8 jaar of oudere kinderen van 8 tot 12 jaar; in het laatste jaar volgt een langere stage. Vraag de hogeschool hoe deze indeling er in het huidige programma uitziet en welke keuzes je zelf kunt maken.

Hoe pak je je keuze stap voor stap aan?

Begin met je startpunt: welk diploma heb je, heb je al hoger onderwijs gevolgd en hoeveel tijd kun je aan studie en praktijk besteden? Noteer daarna of je voltijd, deeltijd of een mogelijke zij-instroomroute wilt onderzoeken. Daarmee kun je gerichter opleidingen vergelijken en voorkom je dat je een route kiest die niet bij je toelating of agenda past.

Bekijk vervolgens de toelatingsinformatie van een paar hogescholen. Vraag welke toetsen voor jouw vooropleiding gelden, wanneer je die moet doen en welke voorbereiding wordt aangeraden. Vergelijk daarna roosters, stageopbouw en begeleiding. Als je wilt blijven werken, vraag dan concreet hoeveel ruimte er is om werk en praktijkleren te combineren.

Bezoek waar mogelijk een open dag en stel vragen aan studenten en docenten. Vraag bijvoorbeeld hoe een gewone studieweek eruitziet, hoe stages worden geregeld en wat studenten lastig vinden aan de overgang naar de opleiding. Heb je al een diploma of relevante ervaring, vraag dan om een beoordeling van je mogelijkheden voordat je je inschrijving definitief maakt.

Hoe controleer je of de route naar je doel leidt?

Je einddoel is belangrijk: wie als leraar in het basisonderwijs wil werken, moet de juiste bevoegdheid behalen. De Inspectie van het Onderwijs vermeldt dat daarvoor een afgeronde hbo-opleiding leraar basisonderwijs nodig is. Een stage of baan als onderwijsassistent is op zichzelf dus niet hetzelfde als die bevoegdheid.

Controleer bij de opleiding welk diploma je na afronding krijgt, welke toets- en stageonderdelen je moet halen en hoe de route aansluit op jouw situatie. Vraag bij zij-instroom welke partij verantwoordelijk is voor begeleiding en welke afspraken over werk en studie worden vastgelegd. Als je nog twijfelt, leg je vooropleiding, beschikbare studietijd en gewenste startmoment naast de voorwaarden van de hogeschool. Zo kun je beoordelen of de gekozen pabo opleiding niet alleen interessant klinkt, maar ook uitvoerbaar is.

Veelgestelde vragen

Hoe lang duurt de pabo opleiding?

De voltijdopleiding duurt vier jaar. Deeltijd is ook mogelijk, maar hoelang je daarover doet, hangt af van het programma en je persoonlijke situatie. Heb je een vwo-diploma, dan kun je bij een aantal pabo’s bespreken of een verkorte route van drie jaar mogelijk is. Vraag de hogeschool naar de actuele studieduur en voorwaarden.

Kan ik met een mbo-diploma naar de pabo?

Met een mbo-diploma op niveau 4 kun je naar het hbo. Voor de pabo kunnen daarnaast aanvullende eisen gelden voor basisschoolvakken. Controleer daarom bij de hogeschool welke toetsen voor jouw vooropleiding relevant zijn en wanneer je eraan moet voldoen. De Rijksoverheid vermeldt dat een toelatingstoets nodig kan zijn als je diploma niet aan de vakinhoudelijke eisen voldoet.

Mag ik tijdens de pabo zelfstandig lesgeven?

Niet alleen omdat je pabostudent bent. Tijdens stages doe je ervaring op onder begeleiding; de bevoegde leraar blijft verantwoordelijk voor de klas. Voor een aparte route als leraar in opleiding gelden voorwaarden. Vraag de opleiding en de school welke taken bij jouw fase passen en wie toezicht houdt.

Kan ik de pabo combineren met werk?

Dat kan via een deeltijdopleiding, waarbij je studeert naast je werk. Sommige routes combineren leren en werken in de onderwijspraktijk. De voorwaarden, praktijkplek en studiebelasting verschillen per hogeschool. Bespreek vooraf hoeveel dagen je op school of in de praktijk nodig hebt, welke begeleiding beschikbaar is en hoe de opleiding omgaat met eerder behaalde kennis.

In de rubriek Beroepsopleidingen